Een vergoeding voor tilhulpmiddelen aanvragen bij het UWV: hoe gaat dat in zijn werk?

Een vergoeding voor tilhulpmiddelen aanvragen bij het UWV: hoe gaat dat in zijn werk?

woensdag 21 augustus 2019

Een vergoeding voor tilhulpmiddelen aanvragen bij het UWV: hoe gaat dat in zijn werk?

Tijdens de Dag van de Ergonomie, die Erkon samen met zakenpartner Movexx eind 2018 organiseerde, zorgde een onderwerp met regelmaat voor verwarring: de mogelijke vergoeding voor tilhulpmiddelen door het UWV. Als een werknemer een tilhulpmiddel nodig heeft om zijn werk te kunnen doen, dan krijg je deze toch vergoed door UWV? Erkon vroeg arbeidsdeskundige René Pot van UWV hoe dit precies zit.

René helpt ons meteen uit de droom: “Het grootste misverstand is dat een vergoeding voor de aanschaf van een tilhulpmiddel bedoeld is voor de werkgever. Het hulpmiddel is bestemd voor de werknemer, dus alleen hij kan een aanvraag indienen. Het gaat hier om een meeneembare werkvoorziening. De werkgever mag de werknemer wel helpen bij de aanvraag en tijdens het aanvraagproces.” Dit ‘proces’ bestaat globaal uit de volgende vijf stappen.

1. Is er sprake van een structurele arbeidsbeperking?

Pot: “Allereerst is het belangrijk om vast te stellen of de betreffende werknemer van de aanvraag voor een tilhulpmiddel, een structurele arbeidsbeperking heeft. Heeft de werknemer beperkingen die naar verwachting langer dan een jaar duren? Dan beoordeelt de verzekeringsarts de arbeidsbeperking van de werknemer. 

2. Heeft de werknemer het hulpmiddel nodig voor het uitvoeren van zijn functie?

Na de medische beoordeling beoordeelt de arbeidsdeskundige van UWV of de werknemer in aanmerking komt voor een werkvoorziening. De arbeidsdeskundige beoordeelt onder andere of er sprake is van een verplichting van de werkgever op grond van de Arbowet, de poortwachtersfunctie en of er een voorliggende instantie is die een hulpmiddel kan verstrekken (zoals een ziektekostenverzekeraar). Vervolgens beoordeelt de arbeidsdeskundige of het aangevraagde hulpmiddel het meest adequate hulpmiddel is en of het economisch gezien de beste keuze is.

Pot licht toe: “Bij uitval van een werknemer hebben de werknemer en werkgever re-integratieverplichtingen. Dit is geregeld in de Wet Verbetering Poortwachter. Als blijkt dat een werknemer zijn eigen taken of aangepaste werkzaamheden kan uitvoeren met een op de persoon afgestemde voorziening, en bovendien aan de voorwaarden voldoet, dan kan UWV een voorziening verstrekken.”

3. Voldoet de huidige werkplek aan de Arbotechnische voorwaarden?

Pot vervolgt zijn uitleg: “Volgens de Arbowet moet elke werkgever zorgen voor een veilige en gezonde werkomgeving voor zijn personeel. Zo gelden er bijvoorbeeld ook Arbonormen met betrekking tot tillen, duwen en trekken. Als blijkt dat een werknemer bij de uitvoering van zijn taken een belasting heeft die de Arbonorm overschrijdt, dan is de werkgever verplicht om de werkplek zo in te richten dat de Arbonorm niet langer wordt overschreden. Een werkgever moet de werkplek zo aanpassen dat de tilbelasting binnen de gestelde Arbonormen blijft.”

4. Zorgt de inzet van het hulpmiddel mogelijk voor concurrentievervalsing?

“Wanneer de werknemer bij gebruik van het hulpmiddel ‘productiever’ is dan voorheen, kan het bedrijf daardoor een financieel voordeel hebben. In dit geval is er mogelijk sprake van concurrentievervalsing. Een voorbeeld: een bakker kan door een beperking niet meer werken met een standaard broodbakmachine. Om zijn winkel draaiende te houden, heeft hij een speciale broodbakmachine nodig. Het blijkt dat hij met deze machine in dezelfde tijd, anderhalf keer zoveel brood kan produceren. Dit zorgt voor oneerlijke concurrentie voor de andere bakkerijen. In dergelijke gevallen vergoedt het UWV deze specifieke machines doorgaans niet.”

5. Voor wie is het hulpmiddel bedoeld?

Een hulpmiddelenvergoeding is een voorziening voor een individuele werknemer, die de voorziening bij vertrek naar een ander bedrijf ook mag meenemen. Voor hulpmiddelen die installatie vereisen en soms letterlijk aard en nagelvast in verbinding staan met het gebouw, is het nodig om een werkgevervoorziening aan te vragen.

Pot legt uit: “Bij een vergoedingsaanvraag voor bijvoorbeeld orthopedische werkschoenen is het duidelijk wie het hulpmiddel zal dragen. De werknemer gebruikt als enige deze voorziening. Bij voorzieningen zoals tilhulpmiddelen is dit mogelijk anders. Het is dan ook de vraag of de werknemer met de structurele functionele beperking de enige persoon is die het hulpmiddel gebruikt.”

Betekent dit dat een vergoeding voor een tilhulpmiddel vrijwel onmogelijk is?

“Het UWV voert een wettelijke maatregel uit met vastgelegde spelregels. Je moet aan de voorwaarden voldoen om een vergoeding te krijgen. Maar onmogelijk is het zeker niet!”

 

Kijk voor meer informatie op www.uwv.nl en vul als zoekwoorden ‘voorzieningen voor werk’ in.